ICT-beheerder

ICT-beheerder

5. Basisschool De Regenboog

Inleiding

Basisschool De Regenboog heeft acht klaslokalen, een aula en een personeelsruimte. In elk lokaal staan acht  computers voor de leerlingen om op te werken. In de personeelsruimte staan twee computers en op de administratie staan er nog twee. Al deze computers staan verbonden met het netwerk d.m.v. UTP-kabel. De directie wil graag dat al deze computers verbonden worden via een wifi-netwerk zodat de computers verreden kunnen worden.

maxresdefault

Situatie

De school wil graag dat alle computers via een wifi-netwerk internettoegang krijgen. De directie weet niet hoe zij zich dit moet voorstellen, zij weet alleen dat dit kan. Een tekening kan een hoop verduidelijken. Ook weet de directie niet of er eventueel nog spullen bij moeten komen. De computers die nu verdeeld over de school staan, zijn allemaal vorig jaar aangeschaft en voorzien van Windows 10 en Office 2016.

Ook wil de school graag dat het netwerk straks gemakkelijk te onderhouden wordt. Het onderhoud wil de directie binnenshuis houden, omdat er geen geld is voor een echte ICT’er. Alles zal dus allemaal goed gedocumenteerd moeten worden, zodat iemand anders er later mee aan de slag kan.

Een volgende vraag is hoe de computers zodanig beveiligd kunnen worden dat leerlingen niet zomaar op elke site kunnen komen. Hierover vraagt de directie advies: welke software is daar eventueel voor nodig, welke kosten zijn eraan verbonden en hoe kan een en ander geïmplementeerd worden? Denk hierbij aan software die internetverkeer monitort, sites blokkeert of aan software om ‘mee te kijken’ op andere machines en deze eventueel over te nemen. De vraag naar de beveiliging is alleen een vraag om advies, er hoeft niets te worden uitgevoerd.

Maak een planning om dit project te kunnen uitvoeren.

Definitiestudie

Om de directie een duidelijk beeld te geven wat er allemaal bij komt kijken om haar wensen te realiseren, moet er eerst goed gekeken worden naar de huidige situatie: wat is er nu aanwezig, hoe moet het worden als het klaar is en wat is het verschil? Dat verschil wordt je boodschappenlijstje. Misschien zijn er zaken die nog aangeschaft moeten worden. Enkele vragen die daarbij gesteld kunnen worden:

  • Zijn alle systemen voorzien van de juiste netwerkhardware?
  • Zijn alle benodigdheden aanwezig?
  • Heb je wellicht extra apparaten nodig?
  • Wat kosten die extra apparaten?

Een ander belangrijk onderdeel van het advies is de begroting van de extra kosten die gemaakt moeten worden om de internetomgeving te realiseren. In deze definitiestudie geef je globaal aan wat er aanwezig moet zijn om alles te laten functioneren.

Het eindrapport moet de volgende punten bevatten:

  • een organogram van de basisschool (gebruik hiervoor bijlage 1)
  • een korte beschrijving van de huidige systemen
  • een globale beschrijving van de oplossingen
  • een voorlopige beschrijving van apparatuur en programmatuur
  • een globale kosten-batenanalyse (hierbij moet gedacht worden aan de voor- en nadelen per oplossing)
  • een advies omtrent de beslissing al of niet verder te gaan

Houd een logboek bij waarin je verantwoording aflegt over de gedane werkzaamheden.

Bij de bronnen zit een voorbeeld van een format voor het eindrapport en een voorbeeld voor het format van het logboek.

Ontwerp

Nu gaat het echte werk beginnen. Er moet een netwerkontwerp gemaakt worden op basis van je definitiestudie. Ook heb je  bijlage 2 nodig. Maak een schema waarin je in één oogopslag kunt zien hoe de netwerk infrastructuur er uit gaat zien. Waar komen de accespoints en hoe worden die met elkaar verbonden?

Onderdelen die in ieder geval terug te vinden moeten zijn:

  • de netwerktekening
  • aan te schaffen zaken plus prijzen
  • advies omtrent leverancier(s) per item dat aangeschaft moet worden
  • benodigde tijd om het geheel te realiseren

In een ontwerprapport wordt een opsomming gegeven van de functionaliteiten die aan de wens van de directie voldoen. Mocht het zo zijn dat er zaken aangeschaft moeten worden, dan zul je hiervoor een goede leverancier moeten aanbevelen.

De functionaliteiten worden onderverdeeld in een aantal categorieën van de MoSCoW-analyse:

M o S C o W
Must haves Should haves Could haves Won’t haves
Direct doen Snel doen Later doen (N)Ooit doen
  • Must haves: hiermee geef je globaal aan wat er aanwezig moet zijn om alles te laten functioneren.
  • Should haves: dit zijn de zaken die handig zijn als ze aanwezig zijn, maar niet strikt noodzakelijk om het geheel te laten functioneren.
  • Could haves: deze zaken kunnen eventueel aanwezig zijn.
  • Won’t haves: deze zaken benoem je omdat heel duidelijk is dat ze ongewenst zijn.

Om te kunnen vaststellen of de hardware voldoet, zal de aanwezige hardware getest en geregistreerd moeten worden. Belangrijk is dat er een testplan wordt gemaakt en vervolgens wordt uitgevoerd. Dit moet leiden tot een CMDB (configuration management database). Dit is een overzicht waarin is opgenomen uit welke componenten (soort, merk, type, fabrikant, snelheid, drivers en dergelijke) elke configuratie is samengesteld.

Het ontwerprapport moet de volgende punten bevatten:

  • een beschrijving van de functionaliteiten
  • de MoSCoW-analyse
  • een beschrijving van de uiteindelijke configuratie(s) naar aanleiding van de MoSCoW-analyse
  • een beschrijving van de benodigdheden om configuraties klaar te maken voor gebruik
  • een advies waarin wordt aangegeven bij welke leveranciers en tegen welke kosten de extra middelen worden aangeschaft
  • een testprocedure voor de netwerkomgeving

In je logboek houd je een verantwoording bij over de gedane werkzaamheden.

Bij de bronnen zit een voorbeeld van een format voor de MoSCoW-analyse en een format voor het ontwerprapport.

Realisatie

In deze fase voer je daadwerkelijk je plannen uit. Dus je gaat de bekabeling regelen, maken of hoe je het ook hebt gepland. Zorg ervoor dat je planning duidelijk is. Mocht er iets niet duidelijk zijn of niet in je planning staan, pas deze dan aan. Uiteraard maak je hiervan een aantekening in je logboek met daarbij de reden waarom je de planning aanpast. Om een en ander te kunnen testen maak je een testopstelling van drie pc’s.

Doe nu het volgende:

  • Maak de CMDB.
  • Maak een testopstelling met drie pc’s.
  • Test de pc’s volgens jouw testplan.
  • Test de internetverbinding volgens jouw testplan.

Bij het testen zullen misschien fouten naar voren komen. Documenteer deze fouten goed (wat gebeurde er op welk moment bij het testen van welke functionaliteit). Overleg met je leidinggevende wat er met deze fouten moet gebeuren. Neem de uitkomst van dit overleg ook op in je logboek.

In deze fase worden de volgende producten opgeleverd:

  • De testomgeving wordt opgebouwd en de testresultaten worden gedocumenteerd.
  • De configuraties worden in de CMDB opgenomen.

Ook nu weer houd je in je logboek een verantwoording over de verrichte werkzaamheden bij.

Bijlagen